Sociaal-Juridisch

Vlaanderen sleutelt aan regelgeving duaal leren

By 30 augustus 2019 No Comments

Duaal leren verwijst naar het systeem van alternerend leren en werken. Een leerling in Vlaanderen kan het leren op de schoolbanken combineren met een opleiding op de werkvloer. Drie initiatiefnemers bieden deze mogelijkheid aan, m.n. Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs, Syntra-leertijd of het voltijds onderwijs.

Vlaanderen doet een aantal wijzigingen op het systeem van alternerend leren en werken, die van toepassing zijn op het nieuwe schooljaar.

Uitbreiding duaal leren naar buitengewoon secundair onderwijs

Voorheen stond het systeem van duaal leren enkel open voor leerlingen uit het gewoon secundair onderwijs. Vanaf het nieuwe schooljaar kunnen de leerlingen van het buitengewoon secundair onderwijs hier ook een beroep op doen. Het gaat wel enkel over de leerlingen die tot de opleidingsvormen 3 en 4 behoren. Deze opleidingen zijn er specifiek op gericht om de leerlingen voor te bereiden op het gewone arbeidsmilieu.

Verschillend met het duaal leren in het gewoon secundair onderwijs is dat de 20 opleidingsdagen zonder overeenkomst verlengd kunnen worden in de volgende gevallen:

  • De leerling is gewettigd afwezig gedurende die periode van twintig opleidingsdagen. De periode wordt verlengd met het aantal dagen van de afwezigheid.
  • De erkenningsperiode van de onderneming start of loopt gedurende die periode van twintig opleidingsdagen. De periode wordt verlengd met het aantal dagen dat in beslag genomen wordt door de procedure voor de erkenning van de onderneming;
  • De trajectbegeleider beslist om die periode van twintig opleidingsdagen te verlengen met maximaal een periode van veertig opleidingsdagen op basis van de inspanningen van de leerling, de specifieke context, en het individuele handelingsplan van de leerling.

Vakantieregeling secundair onderwijs is van toepassing

Vanaf het nieuwe schooljaar 2019-2020 wordt het onderscheid tussen de verschillende vakantieregelingen van het duaal leren opgeheven. Voordien mochten de leerlingen in het Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs en in de Syntra-leertijd maximum 20 betaalde vakantiedagen en 20 onbetaalde vakantiedagen opnemen. De 20 onbetaalde vakantiedagen moesten verplicht opgenomen worden tijdens de schoolvakanties.

Als de vakantiedagen op waren, dan moest de leerling, gaan ‘werken’ op de werkvloer. Let wel, dit gold enkel voor de leerlingen met een overeenkomst alternerend leren. Voor leerlingen met een stageovereenkomst alternerend leren gold de vakantieschoolregeling.

Daarnaast heb je ook de leerlingen uit het voltijds gewoon secundair onderwijs. Deze leerling heeft 20 betaalde vakantiedagen, de overige zijn onbetaald. Gedurende de vakantieperiodes moesten zij geen opleiding volgen op de werkvloer.

In het nieuwe schooljaar 2019-2020 worden deze verschillen weggewerkt. Alle leerlingen volgen de vakantieregeling van het secundair onderwijs, ongeacht via welke instelling zij altererend leren en werken volgen. Tijdens deze vakantieperiode kunnen zij 20 dagen betaald verlof opnemen, de overige dagen zullen onbetaald zijn. Er zijn wel afwijkingen mogelijk:

  • In samenspraak tussen leerling, onderneming en school kan men afspreken dat de leerling tijdens een schoolvakantie naar de werkplek gaat. Deze afwijking is enkel mogelijk wanneer er zich daadwerkelijk leeropportuniteiten voordoen. Het opvangen van een afwezige collega of een drukke periode waarbij de leerling niets kan bijleren, behoort hier niet onder.
  • Een structurele afwijking op het niveau van het sectoraal partnerschap die vastgelegd wordt per studierichting en dus geldt voor alle leerlingen binnen deze richtingen. Het gaat hier over leeropportuniteiten die zich binnen een vakantieperiode kunnen voordoen, zoals o.a. bij seizoensgebonden activiteiten. Deze afwijking moet wel door de Vlaamse Regering bekrachtigd worden.
  • Op niveau van de opleiding kunnen onderwijsverstrekkers in consensus met sectorale partners ervoor kiezen om voor derdegraadsopleidingen (of opleidingen van de kwalificatie- en integratiefase voor BuSO Opleidingsvorm niveau 3) het aantal weken vakantie op jaarbasis terug te brengen van 15 naar 12 weken. Dit is evenwel enkel mogelijk bij een overeenkomst alternerende opleiding. Deze afwijking moet eveneens gevalideerd worden door het Vlaams Partnerschap en de Vlaamse Regering.

In de eerste twee gevallen zal de leerling de gewerkte dagen tijdens de schoolvakantie moeten compenseren met de dagen dat hij normaal op de werkvloer een opleiding volgt. Deze compensatie zal moeten plaatsvinden binnen hetzelfde schooljaar (1 september t/m 31 augustus). Dit is evenwel niet van toepassing op de laatste afwijking.

De modelovereenkomst werd naar aanleiding van deze wijziging aangepast.

Voorwaarden mentor verstrengd

Voor de erkenning van een mentor moet de onderneming vanaf 1 september aanstaande een uittreksel uit het strafregister voegen. De mentor moet namelijk onberispelijk gedag kunnen aantonen.

Verder zal de mentor verplicht een opleiding moeten volgen, en deelnemen aan initiatieven georganiseerd door het sectoraal partnerschap of het Vlaams Partnerschap Duaal Leren om verdere professionalisering mogelijk te maken.

 

Bronnen: B. Vl. Reg. 26 april 2019 houdende uitvoeringsmaatregelen betreffende het duaal leren in het buitengewoon secundair onderwijs van opleidingsvorm 3 en 4 en diverse andere maatregelen, BS 2 augustus 2019; B. Vl. Reg. 3 mei 2019 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016 houdende uitvoering van het decreet van 10 juni 2016 tot regeling van bepaalde aspecten van alternerende opleidingen, wat betreft de voorwaarden van de onderneming, de schorsing van de uitvoering van de overeenkomst wegens vakantie en de modelovereenkomsten, BS 29 augustus 2019.

 

 

Deze website maakt gebruik van cookies om je gebruikservaring te optimaliseren. Door op “Accepteren” te klikken of door gebruik te blijven maken van deze website, ga je akkoord met het plaatsen van deze cookies.