VAA kosteloze terbeschikkingstelling van een woning - nieuw standpunt

De fiscus heeft met circulaire 2018/C/57 over de forfaitaire raming van de voordelen van alle aard van de kosteloze terbeschikkingstelling van een woning aan werknemers of bedrijfsleiders een nieuw standpunt ingenomen naar aanleiding van recente rechtspraak.

Rechtspersoon vs. natuurlijke persoon

De kosteloze terbeschikkingstelling van een woning geeft aanleiding tot een belastbaar voordeel dat forfaitair wordt geraamd waarbij de berekeningswijze verschillend is naargelang de woning ter beschikking wordt gesteld door een natuurlijke persoon of een rechtspersoon:

 

 

Natuurlijke persoon

Rechtspersoon

KI <= 745 euro

Rechtspersoon

KI >= 745 euro

Gemeubelde woning

100/60 x geïndexeerde KI x 5/3

100/60 x geïndexeerde KI x 5/3 x 1,25

100/60 x geïndexeerde KI x 3,8

Niet gemeubelde woning

100/60 x geïndexeerde KI

100/60 x geïndexeerde KI x 1,25

100/60 x geïndexeerde KI x 3,8

 

In de rechtspraak werd geoordeeld dat het verschil in de berekening van het voordeel alle aard naargelang het voordeel wordt toegekend door een natuurlijk persoon of een rechtspersoon ongrondwettelijk is. De gunstigste berekeningsregel moet worden toegepast, zijnde de berekeningsregel bij terbeschikkingstelling van een woning.

Nieuw standpunt administratie

In afwachting van een wijziging van art. 18§3,2 KB/WIB 92 heeft de fiscus beslist om voormelde rechtspraak te volgen. In het geval een rechtspersoon een woning ter beschikking stelt aan een werknemer of bedrijfsleider zal het belastbaar voordeel berekend worden volgens dezelfde formule als wanneer de woning ter beschikking wordt gesteld door een natuurlijke persoon.

Geschillen

Voor bezwaarschriften en rechtsprocedures kan de administratie akkoord gaan met de berekening van het voordeel alle aard overeenkomstig art.  18§3,2 eerste lid KB/WIB 92 ongeacht de persoon die het onroerend goed ter beschikking stelt.

Vragen tot ambtshalve ontheffing van aanslagen die na de voorziene bezwaartermijn ingediend worden en de daaruit voortgevloeide gerechtelijke procedures zullen daarentegen afgewezen worden aangezien een wijziging in de rechtspraak niet al nieuw gegeven wordt beschouwd.

Inwerkingtreding

De nieuwe berekeningswijze is van toepassing in alle stadia van de procedure totdat de reglementaire wijziging in werking is getreden.

 

Bron: Circulaire 2018/C/57 van 15.05.2018.