Startbaanverplichtingen – hoeveel jongeren werft u aan in 2019?

Onderneming met minstens 50 werknemers hebben een startbaanverplichting ter bevordering van de tewerkstelling van jongeren. Dit houdt in dat u er voor moet zorgen dat 3% van uw werknemers jonger is dan 26 jaar. Voor werkgevers uit de non-profitsector bedraagt dit 1,5%.

Onderstaande bespreekt enkel de individuele startbaanverplichting en niet de collectieve verplichting.

30 juni 2018

Om te weten of u aan de startbaanverplichting moet voldoen, is het personeelsbestand op 30 juni 2018 bepalend. Enkel indien uw onderneming op deze datum 50 of meer werknemers in dienst heeft, moet u voldoen aan de startbaanverplichting.  Voor de berekening van de drempel van 50 werknemers wordt rekening gehouden met het effectieve aantal werknemers en niet met VTE (voltijdse equivalenten). 

Moeten bij deze oefening niet meegeteld worden:

  • jongeren die in dienst zijn met een startbaanovereenkomst (hierna "SBO"): dit zijn alle jongeren die nog geen 26 jaar oud zijn of 26 jaar worden in het lopend kwartaal, voor zover
    1. zij in dienst zijn met een minstens halftijdse arbeidsovereenkomst of met een leer-, stage- of inschakelingsovereenkomst die de hoedanigheid van SBO kan hebben (SBO type 3);
    2. zij niet in een statuut of toestand tewerkgesteld worden die onverenigbaar is met een SBO; 
    3. hun tewerkstelling met de gepaste code aangemerkt wordt als SBO op de kwartaalaangifte aan de RSZ of RSZPPO.
  • uitzendkrachten, noch bij de gebruiker, noch bij het uitzendbureau.

Hoeveel jongeren aanwerven?

Het aantal jongeren dat u dient aan te werven is een % van het personeelsbestand. In de profitsector bedraagt dit 3%.

Het personeelsbestand wordt als volgt berekend:

  • de som van de VTE-breuken, berekend voor elke werknemer apart die voor het 2de kwartaal voorafgaand aan het betrokken kalenderjaar aan de RSZ of RSZPPO werd aangegeven en voor wie daadwerkelijk socialezekerheidsbijdragen werden betaald in dat kwartaal.

De VTE-breuk van een werknemer voor een bepaald kwartaal is gelijk aan de som van zijn effectieve prestaties in dat kwartaal, uitgedrukt in dagen of uren, gedeeld door het maximum aantal dagen of uren dat een voltijdse tewerkstelling in de functie van de betrokken werknemer kan omvatten in de loop van het volledig kwartaal.

Moeten bij deze berekening niet meegeteld worden:

  • jongeren die in dienst zijn met een SBO (zie ook de uitleg hierboven over deze jongeren) ;
  • uitzendkrachten, noch bij de gebruiker, noch bij het uitzendbureau.

Nadat het aantal VTE is berekend, kan het toepasselijke percentage toegepast worden en bekomt u het aantal jongeren dat u dient aan te werven in het kalenderjaar.

Stel dat uw onderneming op 30/06/2018 in totaal 74 werknemers in dienst heeft en 68 VTE’s in het 2e kwartaal. In dit geval moet u 2.04 VTE jongeren in dienst nemen in 2019 (68 x 3%).

Welke jongeren tellen mee?

Om het aantal jongeren dat in dienst is in een bepaald kwartaal te bepalen, komen alle werknemers van minder dan 26 jaar in aanmerking, met inbegrip van diegenen die in de loop van het kwartaal 26 jaar worden met uitzondering van volgende jongeren:

  • de jobstudenten voor wie geen socialezekerheidsbijdragen verschuldigd zijn, maar enkel de solidariteitsbijdrage;
  • de jongeren die aangeworven worden in speciale projecten van gesubsidieerde tewerkstelling in de non-profitsector.

Bepaalde jongeren worden dubbel in rekening gebracht (vb. jongeren van buitenlandse afkomst).

Meer gedetailleerde informatie over de berekeningswijze van de drempels en de VTE vindt u op de website van de RSZ.

Vrijstellingen

Bepaalde categorieën van werkgevers kunnen (gedeeltelijk) worden vrijgesteld van de startbaanverplichting (vb. ondernemingen in moeilijkheden, ondernemingen geconfronteerd met een geleidelijke afbouw van het personeelsbestand, aanbieden van stageplaatsen, gefuseerde onderneming, seizoensondernemingen…).

Ook sectoren kunnen vrijgesteld worden na het indienen van een aanvraag. Indien de sectoren voldoende inspanningen leveren om de tewerkstelling van jongeren te bevorderen, moeten zij niet langer voldoen aan de startbaanverplichting. Kijk dus zeker na of u onder een vrijgestelde sector valt.

Sancties

Indien u de startbaanverplichting niet naleeft, moet u een compenserende vergoeding betalen van 75 euro, vermenigvuldigd met:

  • het aantal werknemers waarover het gaat (d.w.z. het aantal niet-aangeworven jongeren of het aantal werknemers dat werd ontslagen ter compensatie van de aanwerving van jongeren), en
  • het aantal dagen dat de verplichting niet werd nageleefd.

In geval van laattijdige betaling geldt een nalatigheidsinterest van 1% per maand. Deze bijdragen worden gestort aan de RSZ en zijn bestemd voor het creëren van bijkomende tewerkstelling voor jongeren.

 

Bron: Wet van 24 december 1999 ter bevordering van de werkgelegenheid, BS 27/01/2000; FOD WASO (www.werk.be); www.socialsecurity.be.