Single permit – update tewerkstelling van buitenlandse onderdanen in specifieke verblijfssituatie

Op 9 mei 2018 zijn er enkele nieuwe wetten gepubliceerd in het kader van de single permit. Dit keer betreft het de situatie van buitenlandse onderdanen in een specifieke verblijfssituatie. In dit artikel gaan we hier kort op in en geven we overzicht van de belangrijkste praktische gevolgen van de single permit.

Bijzondere verblijfssituatie

Buitenlandse onderdanen, die zich in een bijzondere verblijfssituatie bevinden, worden in deze nieuwe wet gedefinieerd als “buitenlandse onderdanen waarvan het belangrijkste motief om naar België te komen niet het werk was, en van wie de toelating om te werken rechtstreeks is afgeleid van een bepaalde verblijfssituatie, die in de meeste gevallen, beperkt, onzeker of voorlopig is”.

Deze buitenlandse onderdanen met een bijzonder verblijfsrecht in België zullen de toelating krijgen om onder bepaalde voorwaarden ook hier te mogen werken zonder een bijkomende vergunning.

De verdere uitwerking van deze regels en voorwaarden zal bepaald worden bij Koninklijk Besluit.

De wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers zal niet meer van toepassing zijn, met een uitzondering voor de jonge au pairs. Er is nog enigheid over wie bevoegd is voor deze groep buitenlandse werknemers.  Een “jonge au pair” is “de jongere die tijdelijk in een gastgezin wordt opgenomen waar hij kost en inwoning geniet in ruil voor lichte dagdagelijkse huishoudelijke taken, om zijn taalkennis te vervolmaken en zijn algemene ontwikkeling te verruimen door een betere kennis van het land door deel te nemen aan het gezinsleven van het gastgezin”.

Hiernaast wordt ook een nieuwe bepaling ingevoegd in het Sociaal Strafwetboek (artikel 175/1). Overtredingen van de wetgeving worden voornamelijk gestraft met sancties van niveau 4, het hoogste niveau.

Praktische gevolgen Single permit

De procedure voor de aanvraag van de single permit en ander verblijfsvergunningen zijn in de toekomst als volgt verdeeld:

  • Arbeidskaarten A en B - verblijf voor meer dan 90 dagen --> single permit

In dit geval moet de nieuwe procedure voor de single permit worden toegepast. Dergelijke gecombineerde aanvraag tot verblijf en werken wordt ingediend bij de bevoegde Gewestelijke diensten. De single permit wordt afgeleverd door de Dienst Vreemdelingenzaken. De papieren arbeidskaarten zullen niet langer afgeleverd worden daar de toelating tot arbeid opgenomen is op het verblijfsdocument.  

  • Arbeidskaarten A en B - verblijf voor minder dan 90 dagen

Indien de betrokkene niet gerechtigd is tot het verrichten van arbeidsactiviteiten bij een kort verblijf dient nog steeds een papieren arbeidskaart aangevraagd te worden. In dit geval blijven de huidige procedures van toepassing. De deelstaten zijn bevoegd.

  • Arbeidskaart C - specifieke verblijfssituatie --> single permit

De arbeidskaart C zal volledig afgeschaft worden. Onderdanen van derde landen die omwille van een specifieke verblijfssituatie in België verblijven, krijgen ook een single permit. De toelating tot arbeidsactiviteiten zal automatisch gebeuren op basis van het verblijfsstatuut van de betrokkene.

De bevoegdheid tot het afleveren van dergelijke verblijfsdocumenten is en blijft federaal.

Inwerkingtreding

Deze wetgeving zal pas in werking treden op de dag van publicatie van de laatste goedgekeurde akte uitgaande van de partijen van het samenwerkingsakkoord van 2 februari 2018. Vermoedelijk zat dit tegen eind 2018 zijn.

Reeds afgeleverde arbeidskaarten blijven geldig. Bij een nieuwe aanvraag zullen de nieuwe regels en procedures toegepast worden.

Top of Form

 

Bron: Wet van 9 mei 2018 tot wijziging van de wet van 3 juli 2005 betreffende de rechten van vrijwilligers, BS 8 juni 2018;  Wet van 9 mei 2018 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse onderdanen die zich in een specifieke verblijfssituatie bevinden, BS 8 juni 2018; Wet van 9 mei 2018 tot invoeging van een artikel 175/1 in het Sociaal Strafwetboek, BS 8 juni 2018; www.werk.be.